Bodemvisserij en MPAs vragen om maatwerk en nuance

12 februari, 2026

Tijdens het webinar “Bottom Trawling in European MPAs: Impacts, Governance, and Future Pathways” gaf marien onderzoeker Justin Tiano van Wageningen Marine Research een genuanceerde toelichting op wat bodemberoerende visserij betekent voor de zeebodem, het bodemleven, koolstofprocessen en visbestanden. Zijn betoog maakte duidelijk dat er bij dit onderwerp geen simpele zwartwitverhalen bestaan. Er zijn veel verschillende soorten vistuigen die allemaal een andere impact hebben en ook is er een diversiteit aan mariene ecosystemen die anders op deze impact reageren. Volgens Tiano kan alleen gebiedsgericht beheer tot verstandige keuzes leiden.

 

Vistuigen verschillen, ecosystemen ook

Tiano, met meer dan vijftien jaar ervaring in het visserijonderzoek, benadrukte dat bodemberoering vaak wordt gepresenteerd alsof het één type impact is, terwijl vistuigen in de praktijk sterk van elkaar verschillen. Die technische verschillen bepalen mede hoe kwetsbare soorten reageren. Dieren die boven het sediment uitsteken – zoals zeepennen en biogene structuren – zijn gevoelig voor bodemberoering, terwijl soorten die in het sediment leven vaak beter bestand zijn. In langdurig beviste gebieden verschuift de gemeenschap daardoor vaak naar kortlevende soorten die snel terugkeren na verstoring, terwijl langlevende soorten achteruitgaan. Die dynamiek werkt door in de voedselketen: sommige vissoorten profiteren juist van snel terugkerende bodemdieren, waardoor vissers en vis een herkenbaar patroon volgen in bepaalde visgronden.

 

Koolstof: complex en locatie‑afhankelijk

Een belangrijk deel van Tiano’s verhaal ging over de vraag hoeveel koolstof daadwerkelijk vrijkomt door bodemberoering. Hij gaf aan dat deze discussie vaak is gepolariseerd, terwijl de werkelijkheid complexer is. Dat bodemvisserij koolstof kan loswoelen staat buiten kijf, maar dit betekent niet dat al die koolstof wordt omgezet in CO₂. Een deel van het organisch materiaal dwarrelt terug naar de bodem en wordt opnieuw opgeslagen. De gevoeligheid verschilt per gebied: in zones met weinig stroming en zachte bodems kan verstoring leiden tot langdurig koolstofverlies, terwijl elders nauwelijks verandering meetbaar is, zelfs bij regelmatige visserijactiviteit. Belangrijk om te noemen: Natuurlijke processen, zoals stormen en microbiële activiteit, brengen eveneens grote hoeveelheden sediment en koolstof in beweging; een zware storm kan meer omwoeling veroorzaken dan de visserij die daar plaatsvindt.

 

Puls versus boomkor

In zijn eerdere onderzoek vergeleek Tiano onder meer boomkorvisserij met pulsvisserij. Pulsvisserij verstoort de bodem minder diep en verbruikt aanzienlijk minder brandstof, wat de uitstoot verlaagt. Hoewel de methode inmiddels is verboden, illustreert dit volgens Tiano vooral dat niet alle vormen van bodemvisserij dezelfde ecologische voetafdruk hebben en dat technische innovatie een sleutel kan zijn om de impact te verkleinen.

 

Herstel van visbestanden kost tijd

Ook het beheer van visbestanden kwam aan bod. Aan de hand van gegevens over onder meer Noordzeetong liet Tiano zien dat een grote daling van de visserijdruk niet automatisch leidt tot een direct herstel van de biomassa. Voor veel soorten bestaat er een natuurlijke vertraging in het herstelproces door ecologische omstandigheden en levenscycluskenmerken. Ondanks die vertraging draagt lagere visserijdruk op de langere termijn wel bij aan gezondere visbestanden.

 

MPA’s zijn geen eenheidsworst

Tot slot waarschuwde Tiano dat mariene beschermde gebieden sterk verschillen in doel en functie. Sommige zijn bedoeld om kwetsbare bodemhabitats te beschermen, terwijl andere zich richten op bijvoorbeeld vogelrust, paaigebieden of kustbehoud. Het is dus niet zo dat bodemvisserij per definitie niet kan plaatsvinden in MPA’s en slecht zou zijn; het hangt af van het doel van de MPA. Sluitingen kunnen leiden tot verschuiving van visserij naar andere gebieden, met mogelijk meer stoomafstanden en dus hogere uitstoot. Daarnaast kunnen andere visserijvormen toenemen in gesloten zones, met eigen ecologische risico’s.

 

Trade‑offs horen bij goed beheer

Tiano wees ten slotte op een vaak vergeten dimensie: wanneer voedselproductie op zee wordt ingeperkt, verschuift de vraag naar land, met meer druk op landbouw en ruimtegebruik op land als gevolg. De kern van zijn verhaal is daarom dat elke beslissing voor beheer – van vistuiginzet tot gebiedssluitingen en klimaatmaatregelen – gepaard gaat met afwegingen. Eerlijk erkennen van die trade‑offs en beleid baseren op lokale kennis en zorgvuldig onderzoek is volgens hem de enige manier om maatregelen effectief te maken voor zowel het mariene ecosysteem als de mensen die ervan afhankelijk zijn.

Voor meer informatie

Contact opnemen met het team Nederlandse Vissersbond, T 0527-698151 of secretariaat@vissersbond.nl,
vragen naar Amerik Schuitemaker.

Aanmelden weekjournaal

Plaatsen van formulier mailchimp

Recent Courses

Komende evenementen