Afgelopen woensdag vond er bij de Raad van State in Den Haag een zitting plaats waarbij Natuurmonumenten als eiser de (reeds verlopen) Wnb-vergunning voor garnalenvisserij in de Ooster- en Westerschelde aanvocht. Het ging voornamelijk om mogelijke effecten op het gebied van bodemberoering en bijvangst. Voordat er uitspraak werd gedaan door de Raad van State trok de eiser het inhoudelijke deel van het beroep in. Naast vertegenwoordiging van het ministerie van LVVN (verweerder) was Durk van Tuinen namens de Nederlandse Vissersbond en de andere PO’s aanwezig als belanghebbende in de zaak.
Procesbelang?
Het voornaamste vraagstuk wat werd behandeld was in hoeverre er nog sprake was van een procesbelang. Deze Wnb-vergunning dateerde van de periode 2017 tot en met 2022 en was daarmee al enige tijd verlopen. Vanuit de eiser werd aangegeven dat een eventuele uitspraak van de Raad van State een bijdrage kon leveren aan de volgende zaak die momenteel loopt, de beroepsprocedure van een groep van NGO’s tegen de langjarige Wnb-vergunning voor garnalenvisserij (2025 – 2045).
Ingetrokken
Tijdens de zitting werd een oproep gedaan aan de eiser, verweerder en belanghebbende om er samen uit te komen. Na een schorsing van de zitting werd er door de eiser aangegeven dat de inhoudelijke beroepsgronden werden ingetrokken. Daarmee is het beroep tegen de toenmalige vergunning afgedaan en zal er op dit punt geen uitspraak worden gedaan door de Raad van State. Daarmee komt een proces ten einde wat circa 8 jaren heeft geduurd.

Voor meer informatie
Contact opnemen met het team Nederlandse Vissersbond, T 0527-698151 of secretariaat@vissersbond.nl,
vragen naar Durk van Tuinen.